Met stenen bouwt men een huis, met liefde een thuis

logeren

Sommige gezegdes zijn zo typisch Nederlands en daar bedoel ik niet letterlijk het gezegde mee, want natuurlijk is dat Nederlands, maar juist de betekenis. Zoals ‘een gast en een vis blijven 3 dagen fris’.
In Nederland hebben we geen logeercultuur en is ook eigenlijk niet echt nodig: met alle afstanden in zo’n klein land ben je binnen een dag weer heen en weer gereden. En als er gasten blijven logeren, is dat inderdaad 3 dagen leuk en dan wordt het voor alle partijen beter om weer lekker in de eigen vertrouwde omgeving te zijn. Oost, west, thuis best.

In Turkije, het land van mijn schoonfamilie en 40 keer groter dan Nederland, is het heel normaal om gasten te krijgen. Zit er in de bruidsschat van oudsher beddengoed voor logees en zeiden mijn schoonouders toen ze ons kwamen bezoeken in Holland: “we blijven niet zo lang hoor, een maandje maar”.
Wij, als gasten in Turkije, mogen altijd in de beste bedden slapen en de rest van de familie slaapt dan op de bank of op 2 aaneen geschoven stoelen. En dan nooit klagen over rugpijn. En altijd hele dagen in de keuken staan, want ook in Turkije gaat de liefde door de maag.

De trouwe lezers van hetgezegdevandeweek hebben vorige week een gezegde gemist en dat klopt, want toen waren wij voor ons jaarlijkse bezoek van een week (gulden middenweg) in Turkije bij mijn schoonmoeder zonder WiFi (en ja, zelfs de kinderen hebben het laatste overleefd).
In het begin prachtig weer, maar daar krijg je weinig van mee, want je bent de ganse dag op visite of krijgt visite (gemiddeld zo’n 20 man/kind). Iedereen woont in een appartement met een (groot) balkon, maar daar zit niemand op, omdat er teveel verkeerslawaai en stof is. Toch zijn de appartementen aan de drukke wegen het meest populair, want dan is er een weidser uitzicht en kan je vanuit je appartementencomplex zo je auto in (zonder kijken en richtingaanwijzer trouwens; gewoon toeteren en gaan). Later werd het slecht weer (straten blank van de regen) en dat kreeg ik gek genoeg dan weer wel mee, waarschijnlijk gevoed door mijn Nederlandse 3 dagen termijn en het feit dat ik van mijn moeder hoorde (die ik om de dag moest bellen dat we niet door een bom waren getroffen) dat het in Nederland stralend weer was. Maar goed, vorige week deze tijd dus, zat ik bij mijn schoonmoeder in het appartement aan de drukke weg met al dat getoeter en af en toe een trein en een vliegtuig dat je bijna aan kunt raken, naast de tot gebed roepende moskee, met veel familie en bezoek die luid door elkaar praat, kleine jengelende kinderen die net hun eenkennige periode hebben/ kiezen krijgen, telefoons die de hele tijd afgaan of berichten ontvangen met geluidsvolume maximaal en met een beetje geluk de televisie aan want hele belangrijke voetbalwedstrijd.

Er was ook extra bedrijvigheid, omdat zoon van mans zus, inmiddels zelf getrouwd en vader van een om op te vreten anderhalf jarige dochter en woonachtig in het huizenblok naast oma (mans zus en mans moeder wonen beiden in hetzelfde appartementencomplex, de een op de tweede en de ander op de zesde verdieping) (snap je het nog?) een nieuwe baan heeft. In een andere stad, op 1100 kilometer afstand. Dat is gewoon emigratie in eigen land. Hetzelfde als in Nederland wonen en naar Frankrijk verhuizen. En die emigratie gebeurde in dezelfde week dat wij in Turkije waren. Dat bracht de nodige emoties mee, want de (overgroot)oma’s vonden de gedachte aan niet meer iedere dag het vrolijke oogappeltje van anderhalf om zich heen ondraaglijk. En wij huilden mee, zo goed begrijpend dat verre familieleden soms heel moeilijk is.
Neef, aangetrouwde nicht en nichtje gingen vliegen en de inboedel werd over land met een vrachtwagen verhuisd. De inboedel was binnen een uurtje in de stromende regen in de verhuiswagen gezet, ook de spullen waarvan nog zo gezegd was dat die niet mee moesten. In die welles-nietes-chaos kwam de verhuisbaas de administratie regelen. Met zijn armen vol paperassen, pennen en stempels eigende hij zich een bijzettafeltje naast de bank toe en begon verwoed te rekenen. Ondertussen ging zijn telefoon vier keer en werd er een hoop geschreeuwd. In de keuken waren ze op dat moment bezig sikma te maken, opgerolde pannenkoekjes met kaas en kruiden. De verhuisbaas (type dit lijf moet liefdevol worden onderhouden met ieder uur een stevige maaltijd) kreeg op een ander bijzettafeltje een schaaltje met 3 sikma’s, die binnen no time tussen het gebel en gereken door waren verdwenen. Ondertussen was hij nog een heel belangrijk briefje kwijt, werd er daarom even beschuldigend naar het anderhalf jarige oogappeltje gekeken die de hele tijd vertwijfeld om haar moeder riep (was beneden nog bezig met wat wel en niet mee moest in de verhuiswagen), maar vond dat briefje uiteindelijk in zijn notaboekje. Nu nog een stempel erop en de administratie was klaar. De stempel deed het niet meer, dus de verhuisman ademde er even goed op en duwde nog eens extra waardoor de stempel in drieën brak. Dan maar geen stempel. Nog even een hoop geschreeuw over de hoogte van het aanbetaalbedrag met mans zwager en aangetrouwde nicht, terwijl schoonmoeder uit de keuken riep dat de tafel gedekt moest worden omdat de sikma’s klaar waren. Man en ik keken elkaar in de chaos aan met een glimlach en een blik van verstandhouding. In Nederland regelen ze dat toch beter. Hoewel, beter? Het is chaotisch en er worden 5 dingen tegelijk geregeld, maar alles komt altijd goed en er is geen stress. Daar kunnen wij nog wat van leren.

Zoals ik ook tot mijn eigen verbazing heb geleerd dat een vis best langer dan 3 dagen fris kan zijn. Het wordt gewoon een gerookte zalm. Als er maar liefde is.
Neemt niet weg dat het na een week ook wel weer heel fijn was om van kou en regen naar de warmte in Nederland te gaan. Lekker rustig in je tuin te kunnen zitten met alleen kwetterende vogeltjes geluid. We zijn weer thuis.

 

3 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *